Werken voor het Dordrechts Museum was voor scheidend directeur Peter Schoon het volgen van zijn hart
DORDRECHT - Peter Schoon heeft als algemeen directeur van het Dordrechts museum veel voor het museum betekend en daarmee ook voor de aantrekkingskracht van de stad.
De vereniging Dordrechts Museum kondigt op deze positieve wijze in het blad voor ruim 1100 leden het aanstaande vertrek aan van Peter Schoon.
Hij zwaait - na 21 jaar - als directeur eind april af. Formeel gaat hij volgens een bericht van de gemeente op 9 mei met pensioen.
Peter kwam in 1994 voor het museum werken en hij volgde in 2001 Jup de Groot als directeur van het Dordrechts Museum op. Later werd hij ook directeur van Museum Van Gijn, het Museum Hof van Nederland en het archief.
Mensen omschreven hem als iemand,. die met zijn hart en met liefde voor het museum werkte en leefde ook.
180 jaar
De vereniging Dordrecht, die dit jaar in een eigen historie staat van 180 jaar, legde de basis voor wat nu het (gemeentelijk) Dordrechts Museum is. Daarom is er nog steeds een nauwe samenwerking met het museum.
De leden van Vereniging Dordrechts Museum (VDM) zijn behalve geïnteresseerd in kunst, ware ambassadeurs van het museum. VDM organiseert lezingen, excursies concerten en andere activiteiten. Zij geeft financiële steun aan publicaties en werkt samen met het museum. Veel leden zijn als vrijwilliger betrokken.
Vierpolders
Peter had eerst een andere weg voor ogen, toen hij opgroeide in Vierpolders, dat valt onder de gemeente Brielle waar zijn broer André wethouder is. De maatschappelijke betrokkenheid hoorde bij Huize Schoon aldus broer André: ,,Vroeger werd er bij ons thuis veel over politiek gesproken en waren mijn ouders nauw betrokken bij de samenleving in Vierpolders."
RTV Rijnmond legde eens vast, hoe Peter Schoon zijn hart volgde: ,,Zes jaar lang stond hij voor de klas. Maar tot aan zijn pensioen doorgaan met lesgeven? Dat zag hij niet zitten. Dus zegde hij zijn baan als onderwijzer op en vertrok naar Amsterdam, waar hij als student kunstgeschiedenis weer van een studiebeurs moest rondkomen. "