Aandacht in 2011 voor honderdste geboortedag Leendert Keesmaat in Dordrecht

20 april 2010

DORDRECHT - Het museum 40-45 maakt vandaag (20 april 2010) bekend stil te willen staan in april 2011 bij de honderdste geboortedag van de Dordtse verzetsman en Geus, Leendert Keesmaat. Hij is één van de achttien uit het gedicht van Jan Campert. Ook zong hij psalm 43 met de dood voor ogen.

Keesmaat werd in Dordrecht geboren en behoorde tot de Wilhelminakerk-gemeente. Voorzitter Theo Berendsen hoopt dat de bekendmaking op zijn 99ste geboortejaar voor reacties zorgt om een mooie expositie te kunnen inrichten. In Schiedam is een straat naar Keesmaat genoemd. Hij is op het ereveld op de algemene begraafplaats de Essenhof in Dordrecht begraven. Keesmaat was leider van verzetsgroepen in Rotterdam en ook Dordrecht.

Achtergrond over de Dordtse Geus Leendert Keesmaat (20 april 1911 - 13 maart 1941)
Op basis van de gezinskaart, die rust bij het Stadsarchief Dordrecht, is zijn geboortejaar 1911 en niet 1910 zoals op enkele sites staat.

Leendert Keesmaat (20 april 1911 Dordrecht - Waalsdorpervlakte, 13 maart 1941) was een Nederlandse verzetsstrijder tijdens de Tweede Wereldoorlog.

Keesmaat die de oudste zoon was van een gereformeerd gezin dat eerste woonde aan de Dordtse Eigenhaard 8, ging naar de gereformeerde Wilhelminakerk. Zijn vader was er enige tijd ouderling. Leendert volgde de opleiding tot onderwijzer en toen hij in Rotterdam woonde en werkte sloot hij zich aan bij de eerste verzetsgroep in Nederland, Geuzengroep rondom Bernardus IJzerdraat. Hij leidde zeventien verzetsgroepen, die vertakkingen hadden tot in Dordrecht en Zwijndrecht.

Na zijn arrestatie in november 1940 tot zijn dood zat Keesmaat vast in de gevangenis van Scheveningen, ook bekend als Oranjehotel. Tegelijkertijd werden ook zijn broers Arie en Wim gearresteerd. Keesmaats vrouw kreeg toestemming haar man in de gevangenis te bezoeken, maar werd eveneens vastgezet en pas na enkele maanden weer vrijgelaten. Ook Arie werd vrijgelaten.

Leendert en Wim Keesmaat sloegen ondanks de mishandelingen tijdens hun verhoren niet door, en werden uiteindelijk tijdens het "Geuzenproces" veroordeeld tot 3 respectievelijk 2 keer de doodstraf. Leendert Keesmaat werd op 13 maart gefusilleerd, de straf van de nog minderjarige Wim Keesmaat werd omgezet in levenslang.

Tijdens zijn gevangenschap hield Leendert een dagboek bij, dat hij op closetpapier schreef. Dit dagboek werd door een medegevangene overgedragen aan de familie.

Keesmaat is een van de achttien uit het gedicht Het lied der achttien doden van Jan Campert. In Schiedam is het Leendert Keesmaathof naar hem vernoemd. Keesmaat was getrouwd en vader van twee zonen. Hij is herbegraven te Dordrecht op de Erebegraafplaats op de Essenhof. Zijn graf wordt verzorgd door de oorlogsgravenstichting, die zegt: "Opdat zij met eer mogen rusten.".

Aart Alblas (1918-1944) één van de meest gedecoreerde verzetsstrijders in Nederland, die voor de oorlog ook in de banken van de Wilhelminakerk zat, heeft inmiddels wel een blijvende plek in de Dordtse geschiedenis. Zestig jaar na zijn dood - in 2004 - was er in de Wilhelminakerk een kerkdienst, waarin hij weer werd genoemd. Daarna werd hij vernoemd in een brug op de Staart. Het oorlogsmuseum 40-45 aan de Nieuwe Haven heeft een speciale afdeling rond Aart Alblas. Keesmaat wordt nog niet zichtbaar in herinnering gehouden in Dordrecht.

Meer over:
Cookies

Deze website gebruikt noodzakelijke cookies voor een correcte werking en analytische cookies (geanonimiseerd) om de statistieken van de website bij te houden. Marketing cookies zijn nodig voor laden van externe content, zoals YouTube-video's of widgets van Sociale Media. Zie ons cookiebeleid voor meer informatie, of om je instellingen later aan te passen.