zaterdag 27 november 2021

Alles over Dordrecht

Club van vijf wil cultuur denken minder in dienst van economisch denken in Dordrecht

28 december 2019

DORDRECHT - Voor de periode tot 2024 heeft de gemeente een nieuwe cultuurnota in de maak. Vijf Dordtenaren vragen aandacht voor een eigen visie op het cultuurbeleid.

Zij vinden dat cultuur tot nu toe vooral in het teken heeft gestaan van de economische betekenis van de stad Dordrecht. De bal wordt ook wel merg makkelijk bij de burgers gelegd, is de opvatting.

Al eerder hadden de vijf hun verhaal op papier gezet. Volgens Jan Janssen is er met hun bijdragen weinig gedaan voor de schrijvers van de nota. Daarom wordt het verhaal wederom gepresenteerd.

Het vijftal bestaat uit:

Annenies Keur
Gerda Bosdriesz
Gerard Goudriaan
Bert den Boer
Jan Janssen

Jan Janssen vraagt voor de zienswijze wederom aandacht is zijn wekelijkse cultuurmail:

Hij geeft als inleiding op de nota van het vijftal:

De nieuwe Cultuurnota en de startnotitie over de herijking van het Binnenstadsbeleid hebben gemeen:
- Er zit veel tijd tussen de voorbereiding, de gesprekken met de stad, en het resultaat, de nota en de startnotitie. Het is kennelijk niet urgent.;

- De bal van het behalen van resultaten wordt bij 'de stad', u en ik dus, gelegd. De gemeente schept de randvoorwaarden waarbinnen wij verantwoordelijk worden voor het verbeteren van de toekomst van de stad. Gaat het (wat dat ook moge zijn??) goed dan is dat dankzij de excellente uitvoering van excellent gekozen randvoorwaarden door de gemeente, gaat het fout dan zijn wij te dom om er iets van te maken! Dat is pas beleid!!;

- Over de inzet van geld (toen, nu en straks) wordt niet beslist, een oud wethouder zei ooit: 'geen geld, geen Zwitsers';

- Er staat nergens wanneer het beleid geslaagd is.

Ik vind dat wel erg makkelijk. De gemeente is de grootste speler in het reilen en zeilen van de stad en zijn toekomst.

Dat die er zich zo vanaf maakt en daar ook nog mee wegkomt is onbegrijpelijk. Volstrekt onduidelijk is wat de gemeente gaat doen, wanneer het beleid geslaagd is en de inwoners tevreden kunnen zijn over het door hen gekozen bestuur. Het is maar goed dat de gemeenteraad er zelf nog wat aan kan doen!!!

De nieuwe cultuurnota doe ik met de bovenstaande karikatuur onrecht. Het is een goed verhaal! Zonde dat zoiets vermalen wordt. Maar ook bij cultuur is de rol van de gemeente: regie. En ook hier is de financiële vertaling van alle voornemens te mager. En moet nog eens in het geweld van de grote afweging bij de kadernota stand houden. Het verdient beter!

Dus gemeenteraad: doe er wat aan. Maak van cultuur een echt speerpunt van en voor de stad en vraag naar een resultaat-gerichte uitwerking van de startnotitie over de toekomst van de binnenstad.

Tot zover het commentaar.

De nota uit de sad van de vijf heeft als tekst:

"Op naar een nieuw cultuurbeleid, een bijdrage uit de stad.

De laatste jaren heeft het cultuurbeleid vooral in het teken van de economische betekenis voor de stad gestaan. Gaan we nu een periode tegemoet waarin cultuur meer van en voor de inwoners van de stad gaat worden en hoe ziet dat er dan uit?

Uitgangspunten voor het nieuwe cultuurbeleid zijn volgens de startnotitie:

  • dienstbaar aan het groeibeleid;
  • niet in stenen maar in programmering;
  • breed en voor iedereen met een verbreding in publieksbereik en talentontwikkeling.

Met deze uitgangspunten kun je nog alle kanten uit. Dat bleek ook uit de enthousiaste gesprekken bij de aftrap van de cultuurdiscussie.

Op de eerste plaats is de vraag gerechtigd of cultuurbeleid in dienst van de groeiopgave ook betekent dat het cultuurbeleid en de cultuur in de stad gaat profiteren van de groeiopgave die het college en de raad zich gesteld hebben. Ander gezegd: gaat het budget voor cultuur evenredig (of meer) omhoog met de groei van het aantal inwoners? Met zo’n 20-25%? En loopt dat vooruit op de realisering van de groeiopgave in de redenering dat de kost voor de baat uitgaat?

Dan de volgende opgave: hoe kunnen we een beleid maken dat cultuur meer voor en van de eigen inwoners kan maken? Het derde uitgangspunt gaat hierover.

De verbreding van cultuurbereik kent volgens ons een tweeledige opgave:

1) naar inkomen en opleiding, hoe is het bereik te vergroten onder lager opgeleiden en inwoners met een lagere inkomen?

 2) naar geografie, hoe kunnen we inwoners van buiten het centrum bewegen meer te participeren in cultuur?

Met name de ‘rijkere’ Sterrenburg, Dubbeldam en Stadspolders kunnen door vergroten van hun participatie het financiële draagvlak voor voorzieningen vergroten. Hetzelfde geldt voor de hogere inkomens uit de groeiopgave.

Een andere opgave stelt zich verbreding van het bereik in onder andere de wijken Krispijn, Crabbehof, Wielwijk,Land van Valk.

Een oud-wethouder had als adagium: ‘geen geld, geen Zwitsers'. Dat uitgangspunt kwam in het gesprek dat wij -Gerard Goudriaan, Annenies Keur, Gerda Bosdriesz, Bert den Boer, Jan Janssen- hadden over onze kijk op de toekomst van het cultuurbeleid.

De acties die wij voor concrete invulling van het nieuwe cultuurbeleid voorstellen kunnen niet zonder extra inzet.

Reeds vele jaren is een externe cultuur-adviseur actief in onze stad. Zijn taak achten wij beëindigd. het is tijd voor een ‘eigen’ cultuurmakelaar die verschillende culturen in de stad weet te mobiliseren en bij elkaar te brengen. Die burgerinitiatieven uit de inwoners van de stad voor de inwoners van de stad opspoort, met elkaar verbindt en hier kansen creëert. De manier waarop Geert ter Steeg van The Movies dat doet vinden wij een mooi voorbeeld van cross-overs.

Meer geld voor programmering en een burgerparticipatie-achtige aanpak moet samen met de ‘eigen’ Cultuurmakelaar een beweging van en voor inwoners op gang helpen. Kan zo’n ambtenaar met doorzettingsmacht bekleed worden, een soort cultuur marinier?

De verbreding van cultuur houdt niet op bij consumptie door eigen eigen inwoners. Nieuwe initiatieven hebben het moeilijk een plaats te veroveren in de stad en de agenda van de inwoners. Ook hier pleiten wij voor ondersteuning. Aanbod is er maar onbekend maakt onbemind. Veel meer dan nu het geval is dient er bekendheid gegeven te worden aan de cultuuragenda in de stad gericht op eigen inwoners. Nieuwe initiatieven doelen hier een prominente plaats te krijgen.

Bestaande cultuurinstellingen hebben de weg al ingeslagen om inwoners van de stad voor hun programma warm te krijgen. Wij zouden hen willen uitdagen nog meer de wijk in te trekken en van daaruit een gang naar cultuurtempels op gang te helpen. Zij moeten manieren bedenken om wijkbewoners te trekken naar voorstellingen, tentoonstellingen, uitvoeringen. En omgekeerd moeten zij ook meer de wijk als gebied voor hun activiteiten programmeren. Dit zijn voor ons twee kanten van dezelfde medaille.

Kunnen bv op basis van ad random postcodenummers gratis entrees voor voorstellingen en exposities verstrekt worden?

Kan een paar keer per jaar, naar het zeer geslaagde voorbeeld van Utrecht, een brede culturele zondag in de stad georganiseerd worden?Utrecht slaagt erin een gevarieerd publiek aan te trekken en gaat met de culturele zondag ook de wijken in.

Indien de economische betekenis van cultuur voor de stad een belangrijk uitgangspunt blijft, kunnen we dan ook daaraan toevoegen dat nieuwe manieren gevonden moeten worden om de economische functie dienstbaar te maken aan de cultuur? Welke rol kan bv de retail vervullen?

Het bovenstaande is een verkorte weergave van een discussie in twee ronden die wij hadden.

Graag blijven wij op de hoogte van de voortgang van de discussie over het nieuwe cultuurbeleid en leveren wij graag, indien daar de wens en gelegenheid voor is, een vervolg op deze bijdrage".

Annenies Keur
Gerda Bosdriesz
Gerard Goudriaan
Bert den Boer
Jan Janssen

Lees meer over:

cultuur cultuurnota
Deel dit bericht met je vrienden!