zondag 11 april 2021

Alles over Dordrecht

Vier Stolpersteine voor gezin DFC-trainer Árpád Weisz

7 mei 2018

DORDRECHT - Dinsdag 15 mei wordt in Dordrecht een nieuwe serie Stolpersteine gelegd, met speciale aandacht voor de legendarische voetbaltrainer Árpád Weisz. Het voltallige college van B&W is aanwezig als ’s middags om 13 uur op het Betlehemplein, bij nummer 22, vier herdenkingssteentjes in het trottoir worden gemetseld voor Weisz, zijn echtgenote en twee kinderen. Ook de ambassadeur van Hongarije, de echtgenote van de ambassadeur van Italië, vertegenwoordigers van DFC en een schoolklas zullen erbij zijn. Elders in de stad worden die dag nog eens tien van deze struikelsteentjes aangebracht voor vermoorde Dordtse joden. Hiermee komt het totale aantal steentjes in Dordrecht op honderd.

Árpád Weisz, op 16 april 1896 geboren in het Hongaarse Solt, was een succesvolle trainer van Inter Milaan en FC Bologna, en is in Italië nog onverminderd een legende. Op de vlucht geslagen voor de rassenwetten van Mussolini belandde hij in februari 1939 in Dordrecht, waar hij aan de slag kon bij DFC. Hij werd er met groot enthousiasme binnengehaald en slaagde in waarop de stad hoopte: hij wist DFC te behouden voor de eerste klasse. In de oorlog legden de Duitsers hem een arbeidsverbod op. Op 1 augustus 1942 haalden ze Weisz en zijn gezin ’s ochtends vroeg uit hun woning aan het Betlehemplein.

Zijn Hongaarse vrouw Ilona Rechnitzer (Szombathely, 7.10.1908) en hun in Milaan geboren zoon Robert (12.7.1930) en dochter Klara (2.10.1934) werden enkele weken later tegelijk vergast in Auschwitz, op 5 oktober 1942. Zelf moest Weisz daar nog bijna anderhalf jaar lang dwangarbeid verrichten. Uitgemergeld en lijdend aan tuberculose bezweek hij in Auschwitz op 31 januari 1944, 47 jaar oud.

Bij zijn arrestatie stak niemand in Dordrecht een reddende hand naar hem uit, en na de oorlog werd Árpád Weisz bij DFC doodgezwegen. Het was oud-DFC-voorzitter Arie Heijstek die Weisz terughaalde uit de anonimiteit door een hoofdstuk aan hem te wijden in het jubileumboek van DFC (1883-2008). In 2015 nam hij het initiatief voor een gedenkplaat, zoals die al veel langer hangen in de stadions van Inter en Bologna. De plaquette werd op 1 augustus dat jaar onthuld door de thans 88-jarige Joop van Helden, die in zijn jeugd bevriend was met Robert Weisz.

In Dordrecht begint Árpád Weisz nu langzamerhand weer bekend te worden. Maar het is vooral met het oog op de internationale reputatie van Weisz, in zijn geboorteland en in Italië, dat de Dordtse werkgroep Stolpersteine de respectieve ambassadeurs heeft uitgenodigd. Ook Heijstek en Van Helden is gevraagd de plechtigheid bij te wonen. Of de Italiaanse tv-omroep een cameraploeg stuurt, is nog niet zeker. Op de website van de werkgroep zijn twee grote verhalen geplaatst − over de loopbaan van Weisz en zijn Dordtse periode, en over hoe Van Helden op het schoolplein in de bres sprong voor Robert, door een agressieve Jeugdstormer in elkaar te tremmen.

Diezelfde 15de mei komen er ook herdenkingssteentjes voor de ooit zo omvangrijke families Kleinkramer en Braadbaart, die behoren tot de zwaarst getroffen families in Dordrecht. In de stoep bij het pand Reeweg Oost 233 brengen medewerkers van Openbare Werken vier steentjes aan voor het gezin van Jacob Kleinkramer, om 11.30 uur. Bij de woningen aan de Groenmarkt 36 en Blekersdijk 18-20 doen zij dat voor zes leden van de familie Braadbaart, om respectievelijk 10 en 10.45 uur.
Normaal is het Gunter Demnig, de Duitse kunstenaar die de Stolpersteine bedacht, die deze monumentjes komt metselen, maar dat was dit keer niet mogelijk. Vandaar deze Selbstverlegung, zoals hij dat noemt. De werkgroep, die afhankelijk is van giften en donaties, wil de komende jaren de resterende ruim honderd struikelsteentjes laten plaatsen.

Lees meer over:

trainer stolpersteine dfc
Deel dit bericht met je vrienden!