dinsdag 30 november 2021

Alles over Dordrecht

RIVM gaat uitvoerig in op vragen rondom Dupont/Chemours

22 februari 2016

DORDRECHT -  Naar aanleiding van de drie artikelen van mevrouw Van den Boogaard, die we vorige maand publiceerden, de volgende reactie van het RIVM:

"Geachte mevr. van den Boogaard. Wij begrijpen dat u veel vragen heeft over de historische emissies van PFOA bij DuPont/Chemours in Dordrecht.
Hieronder vindt u onze antwoorden op de vragen die direct met het huidige RIVM onderzoek te maken hebben.

Daarnaast zijn de vragen over de lijst met Zeer Zorgwekkende Stoffen beantwoord. Hierbij is het goed om te vermelden dat het rapport in gaat op ons onderzoek in opdracht van het Ministerie van IenM naar de blootstelling van de lucht, het drinkwater en de gemiddelde inname van voeding in Nederland. In dit rapport wordt nu niet in gegaan op medische vragen.

Vanaf wanneer staat PFOA op de lijst van zeer zorgwekkende stoffen?
Naar aanleiding van onder meer de plaatsing van de stof op de Europese lijst van zeer zorgwekkende stoffen (ZZS) heeft het RIVM perfluoroctaanzuur in 2013 op de Nederlandse ZZS-lijst geplaatst.

Wat betekent het dat PFOA op deze lijst staat?
De Nederlandse overheid pakt Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) met voorrang aan. Dit zijn stoffen die gevaarlijk zijn voor mens en milieu omdat ze bijvoorbeeld kankerverwekkend zijn, de voortplanting belemmeren of zich in de voedselketen ophopen.
Doel van het overheidsbeleid is om deze stoffen zoveel mogelijk uit de leefomgeving te weren. Dat gebeurt onder meer door in vergunningen regels te stellen voor lozingen op water en uitstoot naar de lucht.

Vanaf 1 januari 2016 geldt op basis van de Nederlandse Emmissierichtlijn Lucht (NeR) de minimalisatieverplichting voor Zeer Zorgwekkende Stoffen. Dit betekend dat voor deze stoffen moet worden gestreefd naar het niet vrijkomen in de lucht (nulemissie). De NeR heeft geen formele wettelijke status. Het is de bedoeling dat de NeR wordt gebruikt als richtlijn voor de vergunningsverlener.

Verdere toelichting op de Nederlandse ZZS lijst: zie http://www.rivm.nl/rvs/Stoffenlijsten/Zeer
Zorgwekkende_Stoffen. Toelichting Europese lijst van zeer zorgwekkende stoffen (REACH SVHC kandidaatslijst): zie
http://www.rivm.nl/rvs/Stoffenlijsten

Welk onderzoek loopt er nu bij het RIVM?
RIVM werkt aan een onderzoek waarin uitgezocht wordt tot welke concentraties PFOA in lucht en water de emissie kan hebben geleid. Op basis hiervan maakt RIVM een inschatting van eventuele gezondheidseffecten.

Wanneer zijn de resultaten van het RIVM bekend?
Uiterlijk half april worden de RIVM resultaten bekend. Hierin wordt meer duidelijkheid gegeven over de blootstelling en eventuele effecten en worden zaken in de juiste context geplaatst.

Welke periode wordt door het RIVM onderzocht?
Zie beantwoording volgende vraag.

Waarom is de periode voor 1998 niet meegenomen in het onderzoek?
De noodzaak van het wel/niet meenemen van de periode voo r 1998 is onderdeel van het onderzoek.


1. Hoeveel bedraagt de gehanteerde veiligheidsnorm voor de aanwezigheid van PFOA in de lucht momenteel? En hoeveel was deze in het verleden? Is de hoogte van deze norm onderbouwd met onafhankelijke onderzoeksresultaten?
Vanaf 1 januari 2016 geldt op basis van de Nederlandse Emmissierichtlijn Lucht de minimalisatieverplichting voor Zeer Zorgwekkende Stoffen. Omdat PFOA een Zeer Zorgwekkende Stof is, geldt deze verplichting voor PFOA. En op welke wijze deze norm is afgeleid. De website rvs.rivm.nl kan mogelijk helpen bij het onderbouwen van de gehanteerde methodiek.

2. Hoeveel bedraagt de gehanteerde veiligheidsnorm voor de aanwezigheid van PFOA in het oppervlaktewater momenteel? En hoeveel was deze in het verleden? Is de hoogte van deze norm onderbouwd met onafhankelijke onderzoeksresultaten?
Er is geen nederlandse norm voor PFOA in oppervlakte water.  [tussenstuk want niet informatief]. Voor oppervlakte water geldt hetzelfde als voor lucht (zie vraag 23).

3. Hoeveel bedraagt de gehanteerde veiligheidsnorm voor de aanwezigheid van PFOA in het riool momenteel? En hoeveel was deze in het verleden? ? Is de hoogte van deze norm onderbouwd met onafhankelijke onderzoeksresultaten?
Voor het verlenen van een lozingsvergunning van rioolwater worden er afspraken gemaakt met het bevoegd gezag. RIVM heeft hier geen rol in en heeft dan ook geen norm afgeleid voor rioolwater ‘an sich’.  Voor rijkswateren zijn de regionale directies van Rijkswaterstaat het bevoegd gezag. Voor niet-rijkswateren zijn de provincies het bevoegd gezag, maar die hebben deze taak gedelegeerd aan de waterschappen.

4. Hoeveel bedraagt de gehanteerde veiligheidsnorm voor de aanwezigheid van PFOA in de bodem/ het grondwater momenteel? En hoeveel was deze in het verleden? ? Is de hoogte van deze norm onderbouwd met onafhankelijke onderzoeksresultaten?
Voor bodem/grondwater geldt hetzelfde als voor lucht (zie vraag 23).

5. Hoeveel bedraagt de gehanteerde veiligheidsnorm voor de aanwezigheid van PFOA in het drinkwater momenteel? En hoeveel was deze in het verleden? ? Is de hoogte van deze norm onderbouwd met onafhankelijke onderzoeksresultaten?
Voor gezuiverd drinkwater geldt hetzelfde als voor lucht (zie vraag 24). Voor het innemen van water voor de drinkwaterbereiding geldt op basis van de Drinkwaterregeling een signaleringswaarde van 1 μg/L. Deze vereisten zijn gericht op drinkwaterbedrijven. Bij overschrijding van deze waarden moet nader onderzoek plaatsvinden naar humaan toxicologische risico’s (giftigheid voor de mens).

6. Hoe is de relatie tussen de veiligheidsnorm voor drinkwater en de andere gehanteerde veiligheidsnormen voor PFOA?
Drinkwaternormen zoals opgenomen in het Drinkwaterbesluit en zoals afgeleid door de WHO gelden voor levenslange blootstelling. De standaardmethode houdt in dat een deel van de toxicologische norm voor levenslange blootstelling (de TDI of ADI in mg per kg lichaamsgewicht/dag ) wordt toegewezen aan drinkwater. In de meeste gevallen wordt 10 of 20% van de TDI of ADI aan drinkwater toegewezen.

Betrekt het RIVM alle bestaande onafhankelijke onderzoeken in haar oordeel?
RIVM betrekt onafhankelijk onderzoek in haar oordeel, het RIVM onderzoek inclusief volledige bronvermelding zal openbaar worden.

Met vriendelijke groet, RIVM afdeling Communicatie en Documentaire Informatievoorziening."

Tot zover de reactie van het RIVM op de artikelen van Mevrouw van den Boogaard.

Lees meer over:

dupont rivm pfoa chemours
Deel dit bericht met je vrienden!