zaterdag 4 december 2021

Alles over Dordrecht

Bezuiniging Rijk op Wmo dwingt gemeenten tot maatregelen

8 december 2011

DORDRECHT - De zes Drechtsteden gemeenten moeten bezuinigen op de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo). Sinds 2011 krijgen de gemeenten € 2 miljoen per jaar minder van het Rijk voor hulp bij het huishouden. De Sociale Dienst Drechtsteden zorgt voor de uitvoering en heeft hiervoor contracten met aanbieders van hulp bij het huishouden gesloten. Deze contracten lopen op 1 juli 2012 af. Het Drechtstedenbestuur heeft op 7 december besloten om de contracten met de huidige zorgaanbieders niet nog eens te verlengen. Tot 1 juli 2012 gelden de lopende contracten met de zorgaanbieders en verandert er voor mensen die gebruik maken van hulp bij het huishouden niets.

Contractverlenging onder de huidige voorwaarden betekent dat het financiële tekort op hulp bij het huishouden met miljoenen euro oploopt. In plaats daarvan heeft het Drechtstedenbestuur besloten om een nieuwe aanbesteding voor hulp bij het huishouden te organiseren. De bedoeling is dat de ‘lichte’ vorm van hulp bij het huishouden voor een goedkoper tarief uitgevoerd gaat worden. Het tarief voor de ‘zwaardere’ vorm van hulp bij het huishouden, die vooral nodig is voor chronisch zieken en gehandicapten, blijft ongewijzigd. Zo worden de meest kwetsbare mensen in de Drechtsteden ontzien. Doel van de ‘lichte’ vorm van hulp is burgers ondersteunen bij het huishouden met als resultaat een schone en leefbare woning. Deze en andere kwaliteitscriteria worden in meegenomen in het bestek van de aanbesteding.

Eigen verantwoordelijkheid voorop
De eigen verantwoordelijkheid staat centraal bij de hulpvraag. Eerst wordt gekeken naar wat mensen zelf kunnen doen of regelen. Ook wordt gekeken naar het sociaal netwerk van mensen: op welke manier kan dat worden ingeschakeld voor ondersteuning. Pas wanneer burgers zelf geen mogelijkheden kunnen creëren, kan een beroep worden gedaan op de individuele Wmo-voorzieningen. Daarbij wordt zoveel mogelijk maatwerk geleverd en wordt gekeken naar wat burgers echt nodig hebben om deel te kunnen
nemen aan de samenleving.

Inkomen bepalend bij Wmo-voorziening
Bij de vraag wat mensen zelf kunnen doen, wordt ook gekeken naar het inkomen. Wanneer men minstens twee keer de AOW-norm (netto) als inkomen heeft, bestaat geen recht op de lichte vorm van hulp bij het huishouden en op het verstrekken van een scootmobiel. Hiermee wordt recht gedaan aan het uitgangspunt dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen. In bijzondere gevallen kan een beroep gedaan worden op de hardheidsclausule. De inkomenstoets wordt vastgelegd in de verordening, die begin 2012 aan de Drechtraad wordt voorgelegd en per 1 juli 2012 van kracht moet worden.

Lees meer over:

WMO bezuiniging
Deel dit bericht met je vrienden!