maandag 27 september 2021

Alles over Dordrecht

Stedenband Dordrecht met Bamendag zinnig en nodig

26 november 2009
DORDRECHT - De Stichting Stedenband Dordrecht Bamenda dacht over het eigen werk na op een boeiende bijeenkomst met als thema: Internationale samenwerking en stedenbanden – zin of onzin? De ruim 70 aanwezigen onderstreepten het belang van stedenbanden.
Journalist Aad van den Heuvel was als spreker uitgenodigd naar aanleiding van zijn onlangs uitgekomen roman ‘Een zonnig eiland’, waarin hij ontwikkelingshulp op de korrel neemt.
Aad bleek zich in het pand van de Dordtse Bibliotheek direct thuis te voelen, omdat hij in de jaren vijftig van de vorige eeuw dansles had gehad in pand dat toen American heette.
Aad van den Heuvel gaf aan dat het belangrijk is de problematiek van andere landen hier onder de aandacht te brengen. Het programma Brandpunt, waar hij jarenlang voor werkte, kreeg in de jaren zestig de kans om andere TV programma’s te maken waardoor de wereld in de huiskamer kwam. Veraf werd dichtbij. Daardoor konden internationale verschillen worden getoond tussen ontwikkelingslanden en Nederland. Ook nu, met veel meer media, maar minder aandacht voor de grote wereldproblemen, blijft het nodig er de aandacht voor te vragen. Stedenbanden vervullen daarbij een goede functie: het brengt een andere stad dichterbij, het is kleinschalig en dichtbij en het geeft mensen daadwerkelijk de mogelijkheid met elkaar in contact te komen en dingen te ondernemen.  Stedenbanden kunnen heel direct en inzichtelijk laten zien hoe gemeenschappen voor elkaar van betekenis kunnen zijn.
Toch heeft Van den Heuvel een satirische roman geschreven, over een klein eiland met 50.000 inwoners dat voor de eigen ontwikkeling weloverwogen rijke landen uitbuit. “Mensen dachten dat ik van mijn geloof was gevallen”, maar Van den Heuvel stelde Dordrecht gerust: “Dat is niet het geval. Ik heb wel de vraag willen stellen: waarom doen we het? Wat doen we? En zijn dat de goede dingen.” Het blijft betreurenswaardig dat twee miljard mensen arm zijn of van een minimum moeten leven, wereldwijd. “We moeten ons blijven afvragen of we iets bereikt hebben op het gebied van gezondheidzorg, scholenbouw en andere voorzieningen. Hoe voorkomen we hulpverslaving?”
Aad van den Heuvel had zich verdiept in de geschiedenis van de stedenband Dordrecht – Bamenda en somde op, wat in dertien jaar samen met Dordtse personen en organisaties, is gedaan, zoals bruggen gebouwd, ondersteuning en een slaaphuis voor een dovenschool, operaties voor en opvang van gehandicapte kinderen, aanleggen van waterputten, onderwijsprojecten, HIV/Aids-bestrijding, vrouwenprojecten, uitgeven van literatuur uit Bamenda, verbeteren van de afvalinzameling en vuilstort: “Ik heb lof voor deze stedenband en deze successen.”
Ook de aanwezigen, sommigen afkomstig uit Kameroen, vonden dat de stedenband met goede dingen bezig is. Er wordt ook gebruik gemaakt van de kracht uit de samenleving hier en daar. Want iedereen was het ermee eens, dat door de vaak negatieve berichtgeving over Afrika hier een zielig beeld bestaat over de mensen die daar leven. In de stedenband wordt er vanuit gegaan dat we wederzijds van elkaar kunnen leren. Het is niet ‘wij doen iets voor hen’, maar ‘we doen het samen voor elkaar’.
……………………………………….
Zie ook: www.dordrecht-bamenda.nl
Deel dit bericht met je vrienden!