zondag 20 september 2020

Alles over Dordrecht

Rekenkameronderzoek artikel 213a

20 februari 2009

DORDRECHT - College moet leren verantwoording af te leggen. De gemeenteraad en de rekenkamer Dordrecht zijn niet voldoende geïnformeerd door het college van burgemeester en wethouders over de doelmatigheid en doeltreffendheid van de organisatie en het gevoerde beleid. Dit blijkt uit het DoeMee-onderzoek van De Lokale Rekenkamer waaraan de rekenkamer Dordrecht heeft deelgenomen. “Het college moet leren verantwoording af te leggen”, zo zegt Rik Hindriks, directeur rekenkamer Dordrecht.

Sinds de invoering van de dualisering (2002) hebben colleges van burgemeester en wethouders de verplichting om periodiek onderzoek (collegeonderzoek) te doen naar de doelmatigheid en doeltreffendheid van het door hen gevoerde bestuur. Het college van b&w stelt hiervoor een collegeonderzoekprogramma (COP) op. Van de resultaten van collegeonderzoeken dient het college verslag uit te brengen aan de gemeenteraad. Daarnaast dient de rekenkamer tijdig ingelicht te worden over de gekozen onderzoeksonderwerpen. Deze verplichtingen staan beschreven in artikel 213a van de Gemeentewet.

Uit vooronderzoek van De Lokale Rekenkamer blijkt dat veel colleges en gemeenteraden moeite hebben met de uitvoering van artikel 213a. De Lokale Rekenkamer vond het de hoogste tijd dat de plaatselijke rekenkamers zich met dit onderwerp zouden gaan bezighouden.

Niet voldoende geïnformeerd
Rik Hindriks: “De rekenkamer Dordrecht besloot, net als dertien andere lokale rekenkamers, deel te nemen aan dit onderzoek van De Lokale Rekenkamer.” Uit dit DoeMee-onderzoek van De Lokale Rekenkamer blijkt dat de gemeenteraad en de rekenkamer Dordrecht niet voldoende geïnformeerd zijn door het college van burgemeester en wethouders over de doelmatigheid en doeltreffendheid van de organisatie en het gevoerde beleid. De rekenkamer stelt wel vast dat de organisatie verschillende onderzoeksinstrumenten inzet om de doelmatigheid en doeltreffendheid van de organisatie en het gevoerde beleid te verbeteren. Zo voerde de gemeente in 2006 een brede doorlichting door en vond een verbeterprogramma gericht op bedrijfsvoering plaats. Overigens is de rekenkamer ook van mening dat de wettelijke verplichting niet moet leiden tot het stapelen van onderzoek op onderzoek. Afstemming van de verschillende onderzoeksplannen is daarom noodzakelijk, maar vindt onvoldoende plaats.

Aanbevelingen
De rekenkamer Dordrecht concludeert verder dat de gemeentelijke organisatie op dit moment geen integraal overzicht van alle onderzoeken heeft. De rekenkamer doet het college en de gemeenteraad in het onderzoeksverslag zoals gebruikelijk een aantal aanbevelingen. Zo beveelt ze onder meer aan om, zoals in grote gemeenten gebruikelijk, het onderzoek onafhankelijk van de ambtelijke organisatie te organiseren en direct aan het college te laten rapporteren. Verder moet de kwaliteit van de rapportages en de onderzoeken verbeterd worden. Om de afstemming te verbeteren en de kosten van onderzoeken te beperken denkt de rekenkamer aan een rol voor een op te richten audit commissie.

Deel dit bericht met je vrienden!