,,Honderdste geboortedag Jan Eijkelboom prachtige gelegenheid om dichter weer tot leven te wekken"

1 maart 2026 • 13:20 door de redactie
,,Honderdste geboortedag Jan Eijkelboom prachtige gelegenheid om dichter weer tot leven te wekken"
Historisch beeld van Jan Eijkelboom achter een tipmachine

DORDRECHT - Het eerbewijs voor dichter en journalist Jan Eijkelboom leverde zaterdagavond een overvolle monumentale Trinitatiskapel op. Zijn honderdste geboortedag (1 maart 1926) werd zichtbaar in woorden van dichters zoals Marieke van Leeuwen, met muziek en sprekers.

De liefde van Jan Eijkelboom voor de taal was een rode draad. De organisatie (Stichting de Stad) kon bij monde van voorzitter Hendrik Jan Groeneweg spreken over een bijzondere, geslaagde herdenking. 

Wethouder cultuur, kunst en erfgoed Joost Veldman, voerde namens het gemeentebestuur van Dordrecht het woord: "Een honderdste geboortedag is een prachtige gelegenheid om een dichter weer tot leven te wekken. En daarom, maar niet alleen daarom, is het zo mooi dat wij hier vanavond bijeen zijn. Dank daarvoor." 

De complete toespraak van wethouder Joost Veldman is in dit bericht te lezen onder de historische foto van de Trinitatiskapel en Lutherse kerk. 

* Dichter/journalist en ereburger van Dordrecht Jan Eijkelboom: (1 maart 1926 - 27 februari 2008) Foto: beeldbank.

De stad verandert, terwijl je er wandelt
De titel van een gedichtenbundel van Jan Eijkelboom uit 2000 met tekeningen van Paul de Roos was aanleiding voor een pleidooi van spreker Hans Berrevoets voor een Jan Eijkelboom wandeling: "Een prachtige inspirerende zin van Jan zelf om mee aan de slag te gaan, is 'De stad verandert, terwijl je er wandelt'.  Ik lees het als een aanbeveling om mensen in de sporen te laten lopen, die hij ons heeft nagelaten in zijn werk en zijn geschiedenis."

In 1977 liet Eijkelboom zijn Dordrecht gevoel in een gesprek met Han van Gorkom voor het literaire blad Letteriek dichtbij komen: "In Dordt zie ik een portret van mezelf en in mezelf zie ik een portret van Dordt."

De Jan Eijkelboom wandeling past in een culturele traditie. Biograaf Wim Huijser zorgde al voor een wandelgids rond het werk van dichter C.Buddingh'  (1918-1985). Verder wordt gewerkt aan een geactualiseerde Vincent van Gogh wandeling, die in 2027 precies 150 jaar eerder Dordtenaar was.  

* Historische foto van de de Lutherse kerk/Trinitiskapel aan de Vriesestraat rond 1950. Foto: beeldbank.

Toespraak wethouder Veldman
"De eerlijkheid gebiedt mij te zeggen dat ik geen heel poëtisch mens ben. Als wethouder en vader van 4 kleine kinderen ontbreekt mij de rust om eens goed in een gedicht te duiken. Woorden als wijn door de mond te laten glijden. De betekenis en afdronk ervan te proeven. Bij mij thuis zou gelden wat Eijkelboom ergens schrijft: 'Net heeft dit kind krassen gezet in een bundel die je had opengelegd'.

Sterker nog: een van de weinige dichters waar ik me de laatste tijd mee heb beziggehouden is Arthur Hollidee. Ik weet niet of u hem kent, maar hij is de door Annie M.G. Schmidt gecreëerde dichter in het boek Wiplala. Hij verandert per ongeluk in een standbeeld.

Ik ben misschien geen heel poëtisch mens, maar ik ben zeker taalgevoelig. Als politicus en vertrouwd met de bijbel weet ik als geen ander dat het woord kracht doet. Zeker ook in verkiezingstijd. Om het bijbels te zeggen: Er zijn er die als met dolksteken praten, ondoordacht, maar de tong van de wijzen betekent genezing (Spreuken 12:18). Eijkelboom wist dat ook. In Nikè schrijft de dichter een treffende zin over het proces van een dichter die ouder wordt:

Het arsenaal raakt leeg./ De grote kanonnen zijn weg,/ doen elders dienst misschien/ als monument, vernageld/ voor alle zekerheid.
De grote woorden van de dichter zijn voorbij. Maar ook het beeld van oorlog. Taal en strijd liggen dicht bijeen.

Woorden brengen ook hoop, verandering en leven. Denk aan de woorden van predikant Martin Luther King: I have a dream. 
Woorden kunnen echter ook haat zaaien en bevolkingsgroepen tegen elkaar opzetten. Daarom is zorgvuldigheid vereist, inlevingsvermogen. Alsof je de oren van de ander even leent. Soms maak ik me daarover zorgen. Alsof we moeite hebben werkelijk te horen, maar ook moeite hebben kunst op waarde te schatten. Niet alles is direct meetbaar, maakbaar en nuttig. Maar daarmee niet minder van belang.
Als iets de dichter en bestuurder bijeenbrengt, is het wel het kneden van taal en polijsten van zinnen. Woorden doen ertoe. Juist nu. Taal mag scherp en eerlijk zijn, maar moet ons vooral ook bijeenhouden en brengen. Als het gesprek stokt of staakt, zien we elkaar niet werkelijk meer.

Poëzie:
Goede kunst en dus ook een gedicht, zet de lezer aan tot reflectie, verkenning, denken ook. Om zo nieuwe verten te ontdekken, nieuwe inzichten op te doen. Een zintuigelijke ervaring onder woorden brengen. Dat is ook de kracht van het woord.


Eijkelboom weer:
De kruisbes klapt/ tussen tong en verhemelte open/ en op de tuinbank zitten de tantes,/ hun schoenen in 't vergenoegd knisperend grind.


Wie in Dordrecht woont kan niet om dichters en hun teksten heen. Jan Eijkelboom natuurlijk, maar ook vele anderen. Teksten van hem staan op busjes van de gemeente, op de binnenkant van enveloppen en op gevels. Zo verleiden we Dordtenaren -óók een wethouder met een jong gezin- de tijd te nemen zich te verdiepen in een dichtregel, in een andere gedachte, in een andere wereld.
Zo trof mij een regel van hem over Aelbert Cuyp die bij het Dordrechts museum op een gevel staat:
hij deed het ermee, legde het vast op een wijze die maakt // dat zulk licht voor wie het ziet, nog altijd en voor eeuwig naar honing smaakt.


De poëziefragmenten in de openbare ruimte dwingen ons niet alleen stil te staan bij een enkele zin of gedachte, maar ook bij het grotere geheel: een dichter, zijn werk en zijn tijd. Zo houden we een dichter, en de geestelijke en kunstzinnige erfenis levend. Het verrijkt de publieke ruimte en legt het woord terug in de samenleving.


Afsluiting
Een honderdste geboortedag is een prachtige gelegenheid om een dichter weer tot leven te wekken. En daarom, maar niet alleen daarom, is het zo mooi dat wij hier vanavond bijeen zijn. Dank daarvoor. Ik eindig waar ik begon.
De dichter Arthur Hollidee die per abuis in een standbeeld was veranderd, werd ter gelegenheid van zijn 50e verjaardag tot leven gewekt. Het woord is uiteindelijk van meer waarde dan een standbeeld. Daarom draag ik nog graag een gedicht voor dat ook in Dordrecht leesbaar is.
Non omnis moriar
Soms, als een distel door dik asfalt,
barst er een regel poëzie
de taal van alle mensen in.
Zo werd de Dapperstraat een plek
van hoge adel en duurt de Mei
al meer dan honderd jaar.
Zo wijs ik soms mijn kleine zoon
des avonds op een fonkelend verschijnsel
en roep: O Venus, felle star.
Hij corrigeert mij wel, maar geeft
het later toch misschien weer door.
Het lijkt een magere troost,
te bedenken dat lang na je dood
een jonge vrouw een woord van jou
nog op de tong kan nemen.
Het is ook wel een weelderig genoegen,
niet geheel dood te hoeven.

Meer over:
Cookies

Deze website gebruikt noodzakelijke cookies voor een correcte werking en analytische cookies (geanonimiseerd) om de statistieken van de website bij te houden. Marketing cookies zijn nodig voor laden van externe content, zoals YouTube-video's of widgets van Sociale Media. Zie ons cookiebeleid voor meer informatie, of om je instellingen later aan te passen.