Gezien in filmtheater De Witt: La Grande Arche, hoe kunstenaarschap en bureaucratie en de harde realiteit zich met elkaar verhouden
DORDRECHT - De speelfilm ‘La Grande Arche’ van de Franse regisseur Stéphane Demoustier vertelt het verhaal over het ontstaan van de grote monumentale kubus in Parijs. Meer nog, het vertelt het verhaal over de tot dan volstrekt onbekende Deense architect Otto Von Spreckelsen, een sterke rol van Claes Bang. Net als in de film The Brutalist, vorig jaar in het filmtheater, staat in La Grande Arche de architect en zijn kunstenaarschap centraal.

Mitterrand
laten we beginnen bij het begin. Franse presidenten uit de vorige eeuw wilden nogal eens de onsterfelijkheid aanraken met megalomane projecten. Het kreeg zelfs een eigen naam: Grands Travaux. George Pompidou kreeg zijn Centre Pompidou, Valerie Giscard d’Estaing liet het oude Gare d’Orleans ombouwen tot het Musée d’Orsay. Francois Mitterrand maakte het wel wat bont met meerdere giga-projecten. Enkele van de meest in het oog lopende: de glazen piramide op het middenplein van het Louvre, ontworpen door de Chinese architect Leoh Ming Pei, De nieuwe Bibliotheque Nationale de France en, waar de film over gaat, la Grande Arche de la Défence.
De film start met de onthulling van de architect die de prijsvraag heeft gewonnen voor een groot monumentaal werk. De volstrekt onbekende Otto von Spreckelsen komt uit de envelop. De onvindbare architect werd door de persoonlijk assistent van de president ergens in Denemarken op de hoogte gesteld, terwijl hij in zijn blootje met zijn vrouw ergens aan het vissen was... Hij ontwierp een open Kubus, die al snel werd omgedoopt tot La Grande Arche. Tijdens zijn kennismaking met de Franse pers antwoordt hij op een vraag wat hij tot dusver heeft gebouwd: “mijn huis en vier kerken”.

Creativiteit versus Bureaucratie
Regisseur ontdekte dat er weliswaar relatief veel bekend was over het gebouw La Grande Arche, maar vrijwel niets over de architect ervan. Hij ging op zoek en raakte gefascineerd door de eigenzinnigheid van en het raadsel rond de vrijwel onbekende von Spreckelsen. Het leidde tot een speelfilm dat vooral gaat over de kunstzinnige kracht van een kunstenaar versus de vrijwel niet te doorbreken macht van de bureaucratie. Von Spreckelsen had een buitengewoon goede relatie met zijn opdrachtgever Mitterrand. Deze goede klik vormde zijn breekijzer om nog enigszins gedaan te krijgen wat hij wilde totdat Mitterrand de tussentijdse parlementsverkiezingen verloor. Uiteindelijk blijkt het Franse chauvinisme en de bureaucratische molens een te sterke tegenkracht voor de misschien ook wel wat al te principiële Deense grootmeester en verliest hij de grip op zijn levenswerk. La Grande Arche zou er nog komen, maar de concessies waren Von Spreckelsen te groot. In de film staat vooral deze strijd centraal. De Deense architect wordt hierbij ondersteund door zijn vrouw, gespeeld door Sidse Babette Knudsen, bekend van de serie Borgen. Zij is overigens de enige vrouw die zich in deze mannenwereld voortbeweegt. Ook de Chinese architect Pei biedt nog enige steun. Tijdens een kort gesprek wijst Pei naar aanleiding van de tijdsdruk die op het project wordt gelegd op een Chinese wijsheid: “Als het dringend is, neem je de tijd.”
Von Spreckelsen heeft zijn kubus nooit voltooid gezien. In 1987 bezocht hij Parijs nadat hij zijn opdracht aan Mitterrand had teruggegeven. Hij werd onwel en overleed ter plaatse. Het monument werd op 14 juli 1989, 200 jaar na de Franse revolutie officieel in gebruik genomen.
De film is gebaseerd op het gelijknamige boek van Laurence Cossé.
Gezien in Filmtheater De Witt:
La Grande Arche, van regisseur Stéphane Demoustier
Hoofdrollen: Claes Bang, Sidse Babette Knudsen, Swann Arlaud
Voor de speeltijden, zie de website van filmtheater De Witt