Vergeten kapitein van landmacht JAN KOOLHAAS krijgt na 80 jaar erkenning met eregraf in Dordt
DORDRECHT / HOLLANDS KROON - Kapitein Jan Koolhaas (1904-1940) zal op donderdagmorgen 18 september met militaire eer worden herbegraven in een eregraf op begraafplaats Essenhof in Dordrecht. Dat gebeurt in opdracht van Defensie. De ceremonie zal plaats vinden in het militaire tenue 1940.
Het is zeldzaam dat Defensie de ruimte geeft om buiten de erebegraafplaats Grebbeberg een herbegrafenis te laten plaats vinden, aldus Ronald Verburg in zijn rol als consul van de Oorlogsgraven stichting (OGS). Hij is blij met de komende herbegrafenis met militaire eer. Daarmee wordt ook de stilte doorbroken na meer dan 80 jaar van de in Dordrecht gesneuvelde dienstplichtig militair.
Koolhaas werd geboren in het Zuid-Hollandse Leimuiden op 11 september 1904. Zijn naam raakte later verbonden met Middenmeer zoals op zijn grafsteen staat. Middenmeer is thans in de kop van Noord Holland onderdeel van de gemeente Hollands Kroon zoals op zijn grafsteen staat. Het behoort tot het gebied dat voor de tweede wereldoorlog werd ingepolderd onder de naam Wieringermeer. Koolmaas behoorde vanaf 1936 tot de pioniers in dat gebied. Wieringermeer werd toen omschreven als een landbouwparadijs. De drooglegging, ontginning, bewoning aansturen was toen een 100% project van de Nederlandse staat.
Koolmaas diende elf jaar eerder - 1925 - als dienstplichtige bij de Koninklijke landmacht. Hij volgde net succes de officiers opleiding. In 1927 werd hij volgens berichten in de kranten als tot reserve kapitein gepromoveerd, zo valt te lezen in een document bij het museum 40-45 in Dordrecht. In 1939 werd Koolhaas gemobiliseerd toen de tweede wereldoorlog uitbrak.
Pinksterdag
De kapitein raakte zondag 12 mei 1940 (eerste Pinksterdag) - terwijl hij zijn manschappen aanvoerde - ernstig gewond bij gevechten met Duitse paratroepen aan de Krispijnseweg. Dat gebeurde in het zicht van de gereformeerde Julianakerk.
Koolhaas overleed een dag later (13 mei) aan zijn verwondingen. Hij werd 30 mei als de kapitein uit Middenmeer in een particulier graf begraven. Daaraan kwam 85 jaar later een einde. Koolhaas werd in stilte opgegraven ter voorbereiding op de herbegrafenis in zijn eregraf.
* Vanaf 1940 het ,,vergeten" particuliere graf in Dordrecht van oorlogsslachtoffer en kapitein van de Landmacht Jan Koolhaas. De plaats Middenmeer op de grafsteen, valt nu onder de gemeente Hollands Kroon.
Bronzen kruis
Ondanks zijn status als oorlogsslachtoffer met een hoge militaire onderscheiding - het bronzen kruis - werd zijn naam na de oorlog nooit genoemd op de (Dordtse) gemeentelijke herdenking op de eerste zondag van mei.
In 1946 werd als maatstaf vastgesteld dat alleen gesneuvelden militairen op de gemeentelijke namenlijst kwamen die in een eregraf lagen. Dat is de info van de Dordtse consuls OGS: Ronald Verburg (vanaf 2024) en Igle Weidenaar (tot 2024)
Strijd
De strijd op het eiland van Dordrecht was direct hevig toen de oorlog op vrijdag 10 mei 1940 in de vroege ochtend losbarste. Duitse luchtlandingstroepen waren op het eiland geland om snel de Moerdijkbruggen en de Zwijndrechtse bruggen te veroveren. Zo moest de weg worden vrijgemaakt om met een tankdivisie vanuit Noord-Brabant over Dubbeldams en Dordtse grond te kunnen oprukken naar Rotterdam.
Na zijn overlijden werd het lichaam van Koolhaas eerst in een massagraf gelegd, aldus de archieven. Dat gebeurde op de algemene begraafplaats (thans Essenhof) . Na de tweede wereldoorlog werden op die plek de eregraven aangelegd.
* De gereformeerde dienstplichtig kapitein van de landmacht Jan Koolhaas sneuvelde op 35-jarige leeftijd bij straatgevechten nabij de toen gereformeerde Julianakerk in Krispijn. Als vader van zes kinderen deed hij zijn plicht voor het vaderland. (foto Oorlogsgravenstichting)
Waardig graf
Jan Koolhaas en Alida Jozina Engel werden in 1929 in de gereformeerde kerk van Uithoorn getrouwd door ds. H. Boswijk. Zijn zoon was na de oorlog (gereformeerd) predikant in Dordrecht.
Alida wilde haar man na zijn dood in 1940 voor een waardig graf zorgen. Dat betekende dan een zogeheten particulier graf met rechten voor een langere tijd. De familie betaalde daarvoor 85 jaar de grafrechten. De begrafenis was zeven dagen na zijn overlijden 30 mei 1940.
Het verlies voor de familie was groot. Jan was niet alleen echtgenoot, maar ook vader van zes kinderen. Hij leidde ook een graanbedrijf. Drie kinderen uit het huwelijk van Jan en Alida leven in 2025 nog.
De steen die bijna 85 jaar op het graf van kapitein Koolhaas stond, had als tekst:: ,,Hij sneuvelde voor het vaderland.”. Zijn gereformeerde geloof sprak uit de tekst bovenaan de steen ,,Tot de dag der wederopstanding.”
Stilte
Onlangs werd zijn graf na bijna 85 jaar in stilte heropend ter voorbereiding van de herbegrafenis. De stoffelijke resten gingen voor onderzoek naar de Bergings- en identificatiedienst van de Koninklijke landmacht in Soesterberg. Zijn grafsteen bleef achter op Essenhof en zal worden opgeknapt.
Meidagen
Koolhaas was in 1940 als kapitein van de landmacht in de rol van compagniescommandant van een afdeling van het regiment Wielrijders. Dat werd in tijdens de meidagen vanuit Alblasserwaard als strategische versterking gestuurd naar het eiland van Dordrecht om cruciale posities te verdedigen tegen de oprukkende vijand.
De opzet was de opmars van de Duitsers over het eiland van Dordrecht richting Zwijndrechtse brug te stoppen.
Ondanks het zware verzet van Nederlandse kant lukte die opzet niet. Via Dubbeldam trok op 13 mei een Duitse pantserdivisie op naar de binnenstad van Dordrecht. Koolhaas was een dag eerder dodelijk verwond geraakt aan de Krispijnseweg.
* Voorzitter Ed Vermeulen van het museum 40-45: een informatie- en documentatieplek over de tweede wereldoorlog aan de Nieuwe Haven met ook aandacht voor Jan Koolhaas.
Weizigtpark
Voor de kerk vonden in het gebied – dat vanaf 1948 het Weizigtpark ging heten – zware gevechten plaats met de parachutisten. De Nederlandse troepen wisten nog krijgsgevangen te maken.
Zo wordt over de strijd van Koolhaas geschreven:,,Tijdens een felle Duitse vuuroverval trachtte de kapitein Koolhaas het verband van zijn compagnie rond de Julianakerk te herstellen, daarbij zichzelf bloot gevend op straat. Hierbij werd hij door een kogel in de buik getroffen. Aan die verwonding overleed de kapitein een dag later op 13 mei 1940.
In de muren van de Julianakerk - thans in gebruik bij de gereformeerde gemeente - herinneren kogelgaten als stille getuigen aan de gevechten op eerste pinksterdag 1940.
Museum 40-45
Het museum 40-45 aan de Nieuwe Haven verwoordt de rol van Koolhaas via voorzitter Ed Vermeulen op de volgende wijze: ,,Op 12 mei 1940 voerde kapitein Jan Koolhaas zijn compagnie van het eerste Regiment Wielrijders aan in felle straatgevechten aan de Krispijnseweg, recht tegenover de Julianakerk. Tijdens deze gevechten werd hij zwaar gewond en overleed de volgende dag.”
* De Julianakerk hoek Krispijnseweg/Mauritsweg (thans gereformeerde gemeente met ds. Wijnand Zondag als voorganger). Boven een ingang staat: In deze plaats zal ik vrede brengen. In 1928 was de eerste kerkdienst in de Julianakerk. Ds. W.W. Meynen was een bekende predikant die bijna 45 jaar in Dordrecht stond.
Bronzen kruis
Na de oorlog kreeg Koolhaas postuum in 1946 voor zijn dapperheid een hoge militaire onderscheiding: het bronzen kruis. Daarbij hoorde de tekst: Op 12 mei 1940 met veel moed zijn compagnie aangevoerd in een straatgevecht te Dordrecht en daarbij gesneuveld." Volgens museumvoorzitter Vermeulen onderstreepte deze erkenning zijn leiderschap en persoonlijke moed tijdens de gevechten op 12 mei in Dordrecht.
* Voor de tweede wereldoorlog zag Krispijn richting in de verte van Dubbeldam er anders uit: Foto uit beeldbank (1934): Hoeve Stadtvlied bij de splitsing Krispijnseweg - Oudendijk - Brouwersdijk, gezien in zuidelijke richting. De troepen onder leiding van kapitein Jan Koolhaas hadden zich vanuit deze omgeving teruggetrokken om rond half twee zondag 12 mei aan te komen bij de Julianakerk.
Hollands Kroon
Elders is de naam van Jan Koolhaas niet vergeten zeker in de kop van de provincie Noord-Holland. Zijn naam komt voor op het oorlogsmonument in Wieringerwerf in gemeente Hollands Kroon. Hij is ook verbonden met de geschiedenis Middenmeer – zoals de grafsteen vermeldt – in de gemeente Hollands Kroon. Jan en Alida Koolhaas hadden hun woonhuis en kantoor aan de Industrieweg te Middenmeer. Koolhaas was het gezicht van het graanbedrijf. Hij begon daarmee in Middenmeer in 1936.
Gedenkplaat
Koolhaas diende de belangen als secretaris van zijn (vak) vereniging in het ingepolderde gebied Wieringermeer. Dat staat ook op een gedenkplaat. Vanaf 1936 was er in Middenmeer tevens een graanbeurs, waarvan Koolhaas met A.C. de Graaf de initiatiefnemers waren. Op 24 maart 2024 werd de oorspronkelijke gedenksteen uit 1946 voor Jan Koolhaas en A.C. de Graaf heronthult bij het wooncomplex “De Oude Beurs” in Middenmeer.
In 1939 moest hij de leiding overdragen van zijn bedrijf in verband met de mobilisatie. Hij was in zijn diensttijd - in 1925 - als officier opgeleid en werd commandant van een wielrijdersbrigade.
De gezinsomstandigheden lieten het toen financieel niet toe, dat hij zijn droom kon gaan waarmaken om de opleiding medicijnen aan de universiteit te gaan volgen om arts te worden.
Het paste bij zijn talenten om in 1939 - toen hij onder de wapenen ging - om de rang en de verantwoordelijkheid van kapitein bij de Koninklijke landmacht te vervullen. Nadat Koolhaas was gesneuveld in mei 1940, zette zijn jongere broer het graanbedrijf voort.
* De eregraven op Dubbeldam
1946
Omdat Koolhaas in 1940 in een particulier graf in Dordrecht werd begraven, werd zijn naam vanaf 1946 nooit meegenomen bij het noemen van namen van gevallenen tijdens de openbare gemeentelijke herdenkingsbijeenkomst.
Toen was het uitgangspunt dat het bij het eren en noemen van de namen bij de herdenken ging om mensen, die in een eregraf waren begraven. Dat was die tijd dus de gangbare maatstaf.
In 2026 kan zijn naam, volgens de uitgangspunten van toen, voor het eerst in het openbaar worden voorgelezen door jongeren in de Thuredrith aula nabij de eregraven. Peter van der Leer, die als voorzitter van het Centraal Oranjecomité al twintig jaar bij de organisatie is betrokken, heeft dit reeds aangegeven aan kabinet van de burgemeester.
De naam Koolhaas klinkt dus pas in 2026 voor het eerst tachtig jaar na de eerste herdenking voor de gevallenen in het openbaar op de Dordtse begraafplaats de eerste zondag van mei.
* Een kenmerkende beeld bij Eregraven Dordrecht: een geëxecuteerde man symboliseert de gevallenen. Het is van de beeldhouwer Cor van Kralingen.
Consul
Bij de herbegrafenis van Jan Koolhaas in een eregraf speelt de huidige consul van de landelijke Oorlogsgraven stichting (OGS) - Ronald Verburg - een centrale rol. Zijn voorganger Igle Weidenaar - die tot 2024 veertien jaar de Dordtse consul van OGS was - denkt op de achtergrond mee.
* Ronald Verburg is consul van OGS vanaf 2024. Hij is tevens voorzitter Oranjevereniging Dubbeldam en vanuit die rol betrokken bij de dodenherdenking bij de eregraven op de begraafplaats Zuidendijk in Dubbeldam foto Wim van der Pol)
Voortschrijdend inzicht
Verburg en Weidenaar zien in de aandacht voor oorlogsslachtoffer Jan Koolhaas – die zoveel jaren niet bij naam werd genoemd – ook een kans. ,,Het is goed om met voortschrijdend inzicht de afspraken van toen zorgvuldig tegen het licht te houden. Vanuit onze betrokkenheid willen we helpen de herdenkingsbijeenkomst, die in opdracht van de gemeente op de eerste zondag van mei wordt georganiseerd, bij de tijd brengen.”
* Dubbeldammer Igle Weidenaar was tot 2024 veertien jaar consul eregraven namens OGS. Hij zorgde ervoor dat de Dubbeldamse namen van militairen - met op de begraafplaats Zuidendijk een eregraf - uiteindelijk op de Dordtse gemeentelijke herdenking werden genoemd.
Oranjedag
Peter van der Leer, als voorzitter van het Centraal Comité Oranjedag Dordrecht ondersteunt het plan van de consul en de oud-consul om het herdenken bij de tijd te brengen. ,,Het is een goed idee om naar de namen te kijken, die we noemen tijdens de bijeenkomst op de eerste zondag van mei. Ik ben daar al twintig jaar bij betrokken. Dat gebeurt altijd in goed overleg met de medewerkers van kabinet van de burgemeester.”
Het museum 40-45 zegt bij monde van voorzitter Ed Verneulen ook het pleidooi te steunen van Igle Weidenaar en Ronald Verburg. ,,Het is een goed plan.”
* De namen van de militairen die omkwamen op Dubbeldams grondgebied in 1940. Elk jaar nog heeft op de avond van 4 mei Dubbeldam een eigen dodenherdenking olv de Oranjevereniging met Ronald Verburg als voorzitter.
Aanpassingen
In de loop van de jaren waren er al eerder wat aanpassingen aan de lijst van mensen doorgevoerd die met eer werden genoemd. De namen van negentien gevallenen in voormalig Nederlands-Indië klinken al dertig jaar.
Op een monument op Essenhof zijn hun namen aangebracht. De negentien hebben geen graf in Dordrecht. Zij hebben een graf op de erevelden in het huidige Indonesië.Soms waren namen van gevallenen in een eregraf – die voldeden aan de maatstaf van 1946 – om andere redenen uit het oog verloren.
Dubbeldam
De voormalige gemeente Dubbeldam werd al op 1 juli 1970 door de gemeente Dordrecht geannexeerd. Het duurde tot 2015 voordat de namen van militairen die daar rusten in de eregraven Zuidendijk, werden genoemd op de gemeentelijke Dordtse herdenking.
Voormalig consul OGS Igle Weidenaar zette zich hiervoor in. Hij zegt nu: ,,Blijkbaar is er eerder niet aan gedacht.“
Denken
Het denken over welke namen wel of niet op een erelijst thuis horen, is in vergelijking tot de eerste keuze in 1946 verbreed. De koppeling met de eregraven wordt niet meer genoemd.
* De toenmalige burgemeester Wouter Kolff schreef voor de herdenking in 2019 het voorwoord in het programmaboekje (foto Dordrecht.net)
Wouter Kolff
Zo schreef burgemeester Wouter Kolff bij de herdenking van 5 mei 2019 in het programmaboekje:
,,Vandaag herdenken we op de Essenhof de slachtoffers, die zijn gevallen in de Tweede Wereldoorlog en de Dordtenaren die zijn omgekomen in voormalig Nederland Indië. Dit doen we met elkaar uit eerbied en respect"
Weidenaar en Verburg willen om een stap vooruit te zetten allereerst kijken naar de Dordtenaren, die zijn opgenomen in het landelijke oorlogsslachtoffer register van OGS.
De huidige consul Verburg vervult hierbij een spilfunctie. Naast zijn gewone werk heeft hij als consul en opvolger van Weidenaar de status van ambtenaar. De burgemeester heeft hem formeel als consul benoemd..
Register
Kapitein Koolhaas stond vanaf het begin in het register van oorlogsslachtoffers van de OGS. Na meer dan 80 jaar volgt – in opdracht van Defensie – zijn plechtige bijzetting op het Dordtse ereveld. Consul Verburg en de medewerkers van Essenhof werken daaraan mee.
Jan Koolhaas blijkt niet het enige oorlogsslachtoffer uit de tweede wereldoorlog te zijn, waarvan de naam nooit eerder werd genoemd op de gemeentelijke herdenkingsbijeenkomst.
Weidenaar en Verburg willen daarop niet vooruit lopen. Zij bepleiten allereerst een zorgvuldig en goed onderzoek om keuzes te kunnen maken over welke namen in de (nabije) toekomst wel en wie niet worden toegevoegd aan de officiële namen lijst. Ze zeggen: ,,In onze stad liggen op de begraafplaatsen Essenhof en Zuidendijk/Dubbeldam nog meer oorlogsslachtoffers in een particulier graf, die na de tweede wereldoorlog nooit zijn herdacht “.
Onderscheid
In de historie blijkt ook dat er een onderscheid werd gemaakt tussen mensen, die een erkenning als oorlogsslachtoffer hebben en mensen, die slachtoffer werden genoemd van de oorlog.
Om andere bewuste redenen van de vijand kregen andere mensen, die waren vermoord, bewust geen graf. Zij moesten van de vijand naamloos blijven.
Om dat te doorbreken werden vanaf 2014 stap-voor-stap de namen van 201 weggevoerde en vermoorde Joodse Dordtenaren in herinnering gehouden via de plaatsing van stolpersteinen voor hun huis.
* Aart Alblas (1918-1944)
Alblas
Ook speelt bijvoorbeeld de vraag of de meest onderscheiden Dordtenaar voor moed, dapperheid en trouw in de tweede wereld oorlog met naam genoemd kan gaan worden op de gemeentelijke herdenking. Zijn naam is geheim agent en verzetsstrijder Aart Alblas (1918-1944). Hij werd als militair in concentratiekamp Mauthausen in Oostenrijk op 7 september 1944 vermoord.
De nazi's probeerden hem en andere geheim agenten, die toen in Maurhausen werden vermoord, naamloos te houden. Ze staken alle lichamen in brand. Dwangarbeiders slaagden er toch in om die as van de geheim agenten te verzamelen. Mede hierdoor kon er een Nederlands herdenkings monument komen in het concentratiekamp.
Aart Alblas leek na de oorlog uit de Dordtse geschiedenisboeken te verdwijnen.
Pas zestig jaar na zijn dood – in 2005 – werd in Dordrecht een fietsbrug op de Staart naar hem genoemd. Later ging een 1,5 km lang fietspad vanaf de Aart Alblasbrug langs het Wantij richting Prins Hendrik brug zijn naam dragen.
(het historische genootschap Wieringermeer meldt het nieuws rond Jan Koolhaas ook)
* Onthulling van het Aart Alblas fietspad in 2021 door locoburgemeester/wethouder Rik van der Linden
* Beeld (hierboven) uit 1936 vlak voor de opening van de belangrijke verkeersbrug over het Hollands Diep tussen Noord Brabant en eiland van Dordrecht: Doelwit van de Duitsers op 10 mei 1940, Van de landing van de grootscheepse actie met para's maakten de Duitsers later een PR film.
* Foto hieronder: beeld van de jaarlijkse 4 mei dodenherdenking bij de eregraven op de Dubbeldamse begraafplaats. Tweede man van rechts de voorzitter van de Dubbeldamse Oranjevereniging, Ronald Verburg. Hij treedt als ceremoniemeester op en is tevens consul van OGS.



